Leven in de tijd van de Januskop met Jean Gebser
We leven in de tijd van de Januskop. In zijn magnum opus ‘ The Ever Present Origin’, gepubliceerd in 1949, neemt Jean Gebser je mee op een ontdekkingstocht. In zijn werk benadrukte hij dat de periode waarin we nu leven een overgangsfase is tussen de oude, “mentale” structuur van bewustzijn (gebaseerd op dualiteit, rationaliteit en fragmentatie) en de opkomende integrale bewustzijnsstructuur, die meer holistisch, verbindend en multidimensionaal is. De “Januskop” symboliseert deze spanning tussen vernietiging en vernieuwing, tussen het oude en het nieuwe bewustzijn.
Vertrouwde sociale structuren verdwijnen onder onze ogen. Vernieuwende inzichten krijgen vorm in de wetenschap en revolutionaire technische ontwikkelingen, maar wekken eerder wantrouwen dan vertrouwen op een goede afloop. De toekomst is verontrustend en voelt onveilig, zoals ook verwoord door paus Leo XIV in zijn onlangs gepubliceerde encycliek ‘Magnifica Humanitas’. Cultuurfilosoof Jean Gebser is een gids die je kan helpen om in deze tijd van de Januskop je weg te vinden.
In zijn boek ‘The Ever Present Origin’, neemt Jean Gebser je mee op een ontdekkingstocht. Het boek is op een manier geschreven die je helpt om te leren kijken als een evolutionaire bewustzijnsontdekkingsreiziger. Je krijgt een gevoel voor hoe bewustzijn in mensen vanaf het begin van hun bestaan tot en met heden zich ontwikkelt, maar ook heel belangrijk, je krijgt een gevoel voor verschillende tijdsdimensies waarin je kunt leven als je ervoor openstaat.
Gebser onderscheidt vijf structuren van bewustzijn, elk met eigen karakteristieken en een eigen dimensie van tijdsbeleving. Dit zijn structuren die je helpen te kijken naar de dagelijkse wereld, die daardoor beter te doorzien is. Op alle terreinen van cultuur, wetenschap en religie is dit dieper kunnen doorzien mogelijk. Oefen je daarin; dan neemt de vrijheid waarmee je in deze wereld rondloopt toe. Het is ook de ervaring die ik zelf heb als ik, zoals in het Pinksterweekend, in onze kleine boot ‘De Geertrui’ ronddobber bij Ouddorp op het Grevelingenmeer en op het water voor anker ga voor de nacht. De geluiden van de vogels , de zonsopgang en de stilte; brengen me in contact met het gevoel van het magische. Als ik drijf op het water en helemaal ontspan, voel ik mij een met alles en is er een vaag besef ook van het archaïsche. Als ik verhalen lees en luister naar de boodschap van de paus, is er een besef van het mythische, al is het dan als boodschap uit de oudheid, en is het beklemmend. Ook is er in de verte het geluid van een weg langs een dijk met een monotoon brommend geluid van verkeer. Het brengt mij in contact met het mentale, onze wereld zoals we die zonder terughoudendheid voortdurend vormgeven met techniek en in de toekomst met AI. Het volledig toelaten van al die vier gewaarwordingen, ieder met een eigen sfeer en tijdsbeleving, maakt mij tot een modern vrij opererend integraal levend mens in staat om te switchen tussen bewustzijnsstructuren en die ieder op zijn eigen merites te onderscheiden.
Laten we de vijf bewustzijnsstructuren van Jean Gebser wat nader toelichten zodat je ermee vertrouwd kunt raken. Terwijl je het leest, probeer dan de situatie waarin je je nu bevindt te gebruiken om deze vijf structuren dichter bij je gevoel te ervaren, net zoals in het voorbeeld hiervoor.
1. Archaïsch — het meest oorspronkelijke bewustzijn, gekenmerkt door volledige eenheid met het zijn, zonder enig onderscheid tussen ik en de wereld. Een soort oerbewustzijn, een nuldimensionaal zonder tijdsbesef of ruimtelijk bewustzijn. Deze wereld kent geen differentiatie en er is de totale afwezigheid van enig gevoel van scheiding van de omgeving. Het is geen wereld waarin we over bewustzijn kunnen spreken in termen die betekenisvol zouden zijn voor ons moderne begrip van de term. (In spirituele teksten beschreven als: Oermens, Purusha van de Rig Veda, Adam Kadmon van de Cabbala, Osiris van de Egyptisch-gnostici)
2. Magisch — het bewustzijn van de vroegste mens, gekenmerkt door eenheid met de natuur, magie, en een puntachtig eendimensionaal tijdsbesef. Een kenmerk van deze structuur is de ruimteloosheid en tijdloosheid ervan. Het idee dat ruimte en tijd illusies zijn, stamt uit deze fase in onze ontwikkeling als mens. Voor de magische mens, die nauw verbonden is met gelijkgestemden, hoeven ruimte en tijd geen rol te spelen.Het individu bestaat nauwelijks; men leeft in een groepsziel. Dromen en waken zijn nog niet gescheiden. Vitale impulsen en instincten ontvouwen zich en ontwikkelen tot bewustzijn in de omgang met de natuur. Kenmerkende uitingshandelingen zijn: spreuken, vloeken, totem en taboe, magische manipulaties en interacties met krachten van de natuur om het weer, de gezondheid en gebeurtenissen te beïnvloeden. Er zijn jachtceremonies, offers en rituelen, initiaties, hekserij en tovenarij om actie te ondernemen om zich van de almacht van de natuur te bevrijden. (ver terug in de tijd en tot 40.000 voor Chr. met daarna een geleidelijke overgang naar mythische met de ontwikkeling van cro-magnon: homo sapiens)
Er is ook een deficiënte magische structuur, namelijk als de levendigheid en oorspronkelijke kracht en eenheid van de magische ervaring worden vervangen door een lege angstaanjagende of dogmatische versie van een eens vitale, natuurlijk verbindende transcenderende kracht. Ook in onze eigen maatschappij kunnen we de vitaliserende en deficiënte magische energie onderscheiden als je voetbal als voorbeeld neemt of ons diepgewortelde geloof in machines en techniek.
3. Mythisch — het bewustzijn gekenmerkt door polariteiten zoals licht/donker, man/vrouw en een circulair tweedimensionaal tijdsbesef. Opeenvolgende cycli van seizoenen, verbeelding en symbolisch denken. De mens ervaart zichzelf als deel van kosmische cycli. Mythologie en ritueel staan centraal. De onthulling van kennis in mythen en oraal overgeleverde verhalen kenmerkt de overgang van de magische naar de mythische bewustzijnsstructuur, zoals in het bijbelverhaal van Adam en Eva. Er ontstaat bewustzijn van het innerlijke leven van de ziel. (Voorafgaand aan 10.000 voor Chr. met daarna een geleidelijke overgang naar het begin van de mentale structuur rond 500 voor Christus met Griekse filosofen Socrates, Plato, Aristoteles.)
Ook de mythische structuur kan ontaarden in deficiënte vormen van verval waarin de oorspronkelijke eenheid, symboliek en levendigheid van het mythische bewustzijn worden aangetast door leegte, starheid of destructieve vormen van mythisch verhalend denken. Je zou allerlei conspiracy stories hieronder kunnen scharen.
4. Mentaal/rationeel — het bewustzijn dat in de Griekse oudheid opkwam en tot op heden in de moderniteit dominant is met een lineair driedimensionaal tijdsbesef. Logisch-analytisch denken, ruimtelijk perspectief en een sterk onderscheid tussen subject en object. Dit leidt tot grote technische vooruitgang, maar ook tot fragmentatie. De polaire spanningen van de mythologie worden vervangen door de analytische scheiding, dualiteit en tegenstelling als gegeven en normaal. Denken is primair, en in de latere fase, in onze huidige tijd, is rationeel denken dominant.
De deficiënte vorm van de mentale structuur wordt zichtbaar in toenemende vormen van eenzaamheid, isolatie en vervreemding die onze westerse technocratische monopolistische vrije-markt-economie veroorzaakt, met een grote kloof tussen armen en rijken en daardoor toenemende maatschappelijke spanningen. Ook de levenswijze, gespeend van contact met de natuur, is daarvan een gevolg.
5. Integraal — de opkomende bewustzijnsstructuur die Gebser beschreef als de mogelijke volgende stap. Hierin worden alle vorige structuren niet vervangen, maar transparant gemaakt en geïntegreerd. Tijd wordt ervaren als 'tijdloze aanwezigheid' (Ursprung of Ever Present Origin). Het overstijgt zowel de beperkingen van het rationele als de regressie naar vroegere lagen. Dit integrale bewustzijn wordt beschreven als een vierdimensionale, tijdvrije, ruimtevrije, subject- en objectvrije wereld. Een vorm van transparant doorzien, een totaal begrip van de werkzaamheid van alle hiervoor genoemde bewustzijnsstructuren in ons dagelijkse leven. Of zoals Gebser het noemt, is het synairesis dat ons in staat stelt de transparantie te bereiken die kenmerkend is voor de integrale structuur van het bewustzijn.
De overgang naar de integrale bewustzijnsstructuur is gaande en nog onvoltooid. Mogelijk een verklaring voor de opkomende mondiale spanningen in de wereld die doen denken aan de tijd voorafgaand aan de Tweede Wereldoorlog. Ook de kennelijk niet te stuiten opkomst van AI is mogelijk een teken van een eruptie op weg naar een integraal bewustzijn.
Kortom, we zullen de komende jaren nog veel te verhapstukken krijgen in de tijd van de Januskop.
Voor verdere orientatie:
* Video: Jean Gebser - The entanglement with time - Jeremy Johnson
* Academisch artikel: Ed Mahood - Overvieuw of the work of Jean Gebser





